One moment please...
 

Wijziging 2009: Ouderenkorting

De code

De premiekorting voor oudere werknemers wijzigt per 2009. Het doel van deze aanpassing is om arbeidsdeelname te stimuleren.

 Toepassing ouderenvrijstelling t/m 2008 is:

  • Wanneer een werkgever een medewerker van 50 jaar of ouder in dienst neemt hoeft de werkgever geen basispremie WAO/WIA af te dragen over het loon van deze werknemer.
  • Wanneer een medewerker op 1 januari van het betreffende kalenderjaar 54,5 jaar is, hoeft de werkgever ook voor deze medewerker(s) geen basispremie WAO/WIA af te dragen. Dit kan toegepast worden tot het eind van de dienstbetrekking van de medewerker of tot wanneer de medewerker 65 jaar wordt.

De toepassing ouderenkorting vanaf 2009 wordt:

  • Wanneer een werkgever een medewerker in dienst neemt die 50 jaar of ouder en afkomstig is uit een uitkeringssituatie (WW, WAO/WIA, Wajong, Wamil, WWB, IOAW, IOAZ, WIK, APPA en wachtgeld voor een werkloze ambtenaar, niet vallend onder de werknemersverzekeringen) mag de werkgever gedurende drie jaar een korting toepassen van € 6.500 per jaar op de af te dragen WW-premie en premies voor arbeidsongeschiktheid.
  • De premievrijstelling voor 54,5 jarigen vervalt. Echter blijft een overgangsregeling hiervoor bestaan. Deze overgangsregeling geldt voor medewerkers waarvoor de premievrijstelling op 31 december 2008 van toepassing zijn en nog geen 62 jaar zijn. De premievrijstelling blijft bestaan totdat ze de leeftijd van 62 jaar bereiken.
  • Een premiekorting voor 62-jarigen wordt toegevoegd. Vanaf het loontijdvak waarin de werknemer de leeftijd van 62 jaar bereikt kan de werkgever een korting toepassen. Deze korting bedraagt € 2.750 per jaar op de af te dragen WW-premie en premies voor arbeidsongeschiktheid.

De bedragen voor ouderenkorting zijn gebaseerd op een fulltime werkweek (36-urig of meer). Voor de berekening van de ouderenkorting worden contracten van minder dan 36 uur beschouwd als deeltijdcontracten en moet er rekening worden gehouden met een deeltijdfactor. De ouderenkorting voor een werknemer kan hoger zijn dan de voor die werknemer betaalde premies. De verrekening vindt plaats op collectief niveau en komt in mindering op het totaal verschuldigde premies. Dit totaal kan niet lager worden dan nul. Dit overschot aan ouderenkorting mag in een later tijdvak worden verrekend. Verrekening over de jaargrens is niet mogelijk. Bij verrekening in de laatste aangiftetijdvak van het jaar mag met eerdere aangiften van dat loonjaar de korting verrekend worden.

Berekening bij volledige dienstbetrekking
Het jaarbedrag dient te worden gedeeld door 13 bij een 4-wekelijkse loonaangifte of door 12 bij een maandelijkse loonaangifte. Wanneer de medewerker een dienstbetrekking heeft van 36-uur of meer, dan is er sprake van een volledige dienstbetrekking. Er hoeft dan geen rekening gehouden worden met een deeltijdfactor.

Berekening bij deeltijd
Wanneer de dienstbetrekking van de medewerker minder dan 36 uur per week bevat, dan wordt dit beschouwd als een deeltijdcontract en dient berekening plaats te vinden. Hierbij dient een onderscheid gemaakt te worden tussen deeltijdcontracten met een vast overeengekomen aantal uren en met contracten zonder overeengekomen aantal uren (vb. nul-urencontracten).

  • Bij vast overeengekomen aantal uren wordt een deeltijdfactor toegepast. De teller is hierbij het aantal overeengekomen uren en de noemer 36.
    Wanneer een medewerker een vast contract heeft van 20 uur per week, dan wordt het bedrag aan ouderenkorting alsvolgt omgerekend:
    • Bij een maandelijkse loonaangifte:
      Het bedrag aan ouderenkorting omgerekend naar een maandaangifte bedraagt € 6.500 / 12 = € 541,67. De ouderenkorting wordt dan 20/36 x € 541,67= € 300,93.
    • Wanneer er sprake is van een 4-wekenaangifte wordt de ouderenkorting: 20/36 x € 500 = € 277,78.
  • Zonder vast overeengekomen aantal uren wordt de ouderenkorting berekend aan de hand van de verloonde uren in het aangiftetijdvak. De teller is hierbij het aantal verloonde uren in het aangiftetijdvak en de noemer is het aantal normuren van het aangiftetijdvak. De normuren bedragen:
    • 144 uur bij een vierwekelijkse loonaangifte
    • 156 uur bij een maandaangifte

Wanneer er 70 uur in een aangiftetijdvak zijn verloond, dan bedraagt het bedrag voor de ouderenkorting bij een maandelijkse loonaangifte 70 / 156 * € 541,67= € 243,06. Bij een loonaangifte per 4 weken bedraagt het bedrag aan ouderenkorting 70/144 * € 500 = € 243,06

Ouderenkorting in de periode van indiensttreding
In de aangifteperiode waarin een medewerker in dienst treedt, moet het bedrag aan ouderenkorting berekend worden op basis van de kalenderdagen. Hierbij dient een onderscheid gemaakt te worden tussen werknemers met een vast overeengekomen aantal uren en werknemers zonder vast overeengekomen aantal uren.  

  • Medewerkers met een vast overeengekomen aantal uren
    Het recht op ouderenkorting dient berekend te worden na rato van het aantal kalenderdagen dat het dienstverband heeft geduurd in het aangiftetijdvak ten opzichte van het feitelijk aantal kalenderdagen van het aangiftetijdvak (28 bij 4-wekelijkse aangifte en bij maandelijkse loonaangifte o.b.v. het aantal kalenderdagen in die maand). Bij contracten minder dan 36 uur per week dient ook met de deeltijdfactor rekening gehouden te worden. Wanneer een medewerker een contract heeft voor 25 uur per week en treedt op 15 januari in dienst, dan is de berekening van de ouderenkorting bij een maandelijkse loonaangifte: € 541,67 * 17/31 * 25/36 = € 206,28.
  • Medewerkers zonder vast overeengekomen aantal uren
    Op basis van de verloonde uren in het aangiftetijdvak afgezet tegen de normuren van het aangiftetijdvak wordt de ouderenkorting berekend. Wanneer in de eerste periode 65 uren worden verloond bij een maandelijkse loonaangifte, dan bedraagt het bedrag aan ouderenkorting € 541,67 * 65/156 = € 225,70

Via menu [Salaris, Personeel, Onderhouden] kan de medewerker onderhouden worden. Op tabblad ‘Salaris’ kunnen de salarisgegevens ingesteld worden door het klikken op de knop ‘Salarisgegevens’. Op tabblad ‘Polisadministratie’ is een veld ‘Code premiekorting’ zichtbaar. Vanaf loonjaar 2009 heeft u daar de volgende opties:

  • Geen premiekorting
  • Werknemer met een arbeidshandicap
  • Uitkeringsgerechtigde 50 jaar en ouder
  • Werknemer van 62, 63 of 64 jaar
  • Werknemer met een arbeidshandicap en uitkeringsgerechtigde
  • Werknemer met een arbeidshandicap en 62, 63 of 64 jaar.

Wanneer de werknemer de leeftijd 62, 63 of 64 heeft wordt automatisch tijdens het openen van loonjaar 2009 -in de eindejaarsversie, release 392- de instelling ‘Premiekorting’ gezet op ‘Werknemer van 62, 63 of 64 jaar’. Een vereiste hierbij is dat op tabblad ‘Polisadministratie’ in de salarisgegevens van de medewerker het veld ‘Anders, aard arbeidsovereenkomst’ niet op ‘WSW-er’ staat.

Een nieuw component wordt aangemaakt tijdens de update naar de eindejaarsversie 'product update 392'. Dit component heeft als code ‘OUDKORT’ en als omschrijving ‘Premiekorting ouderen’. De begindatum van dit component is 01-01-2009. Na de update naar product update 392 heeft dit component de status ‘Onvolledig’. De grootboekrekening dient nog ingevuld te worden. Dit kunt u doen via menu [Salaris, Componenten, Onderhouden]. De optie ‘Onvolledig’ aanvinken en voor ‘Zoeken’ kiezen. Vervolgens kunt u de betreffende grootboekrekeningen invullen en voor bewaren kiezen. Het component is nu actief.

Wanneer de juiste code premiekorting bij de medewerker is geselecteerd wordt automatisch tijdens de berekening van de salarisboeking rekening gehouden met de premiekorting en het bedrag dat voor die periode geldt. Zo wordt het jaarbedrag automatisch herleid naar het periodebedrag. Er zijn twee manieren waarop het aantal uren worden gebaseerd. Op tabblad ‘Loonheffing’ van de salarisgegevens van de medewerker kan het vaste aantal uren vermindering per week ingegeven worden in het veld ‘Uren per week vermindering’. Met dit aantal uren wordt vervolgens in de berekening van de ouderenkorting rekening gehouden. Wanneer het veld ‘Uren per week vermindering’ gevuld is met waarde 0, dan wordt het aantal gewerkte uren van de salarisboeking gebruikt voor de berekening van de ouderenkorting. Dit aantal uren is gebaseerd op de berekende componenten van type ‘Salaris’ en type ‘Bruto uren vergoeding’. Bij componenten van type ‘Bruto uren vergoeding’ die meegenomen dienen te worden als reguliere, gewerkte uren dient op tabblad ‘Extra gegevens’ de optie ‘Meenemen als reguliere uren’ aangevinkt te worden.

Meer informatie

 

 Main: Support Product Know How
 Cat: FAQ
 Sub: General
 Assort: Exact Compact
 Doc Type: *FAQ-General
 Security level: All - 0
 Rel:
 Doc ID: 18.359.201
 Date: 09-12-2008
 Attachment:
 

 

 

Disclaimer
Hoewel Exact zich voortdurend inspant om er zeker van te zijn dat de informatie in dit document zo compleet en volledig mogelijk is, kan Exact noch de juistheid, noch de volledigheid, noch een specifieke toepasselijkheid van de gepubliceerde en/of gevraagde informatie in dit document garanderen. Exact wijst iedere aansprakelijkheid af voor enige directe, indirecte of gevolgschade, schade in de vorm van gemiste winst of van bedrijfsonderbreking welke het gevolg zou zijn van het gebruik van dit document. Het ontlenen of gebruik van informatie uit dit document geschiedt te allen tijde op eigen risico van de gebruiker.

 

Tags
Tags to useClick to remove all tags from Tags to use

Hint:
To add or remove tags from the desired group, simply click on the word. To view other documents with the same tag, press Ctrl-Click